Website ds. Hans van Dalen

PREDIKANT TE KUDELSTAART

Gratis op weg naar je bestemming

Verkondiging voor zondag 15 juli 2018

geluidsopname? klik hier!


Schriftlezingen: Genesis 1:26-28 en Efeziërs 2:1-10

“Want Hij heeft ons gemaakt tot wat we nu zijn: In Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God mogelijk heeft gemaakt” (Efeziërs 2:10) 

 

Als ik iets gratis kan krijgen, ga ik oppassen. Ik weet niet hoe het met jou zit, maar zo zit ik in elkaar. Als er op een product in de winkel een sticker ‘gratis’ is geplakt, ga ik eerst eens even goed lezen wat de houdbaarheidsdatum is. Gelikte enveloppen van de Postcodeloterij met het aanbod om een keertje gratis mee te doen, verdwijnen bij mij rechtstreeks bij het oud papier. Mijn mailprogramma heb ik zó ingesteld dat een berichtje met het woord ‘gratis’ automatisch terecht komt in de Spambox. Gratis? Dat kan niks zijn. Gratis? Pas op voor kleine lettertjes! Gratis? Daar zit een addertje onder het gras. Pas op. Overal hangt een prijskaartje aan. Want voor niets gaat alleen de zon op. En met de zon andere ‘onbetaalbare dingen’. Gezondheid, geluk, levensvreugde, de liefde, de natuur… Dus (wacht even!): juist voor de mooiste dingen in het leven hoef je je portemonnee niet te trekken. Die zijn gratis. En daarbij hoort zeker ook: het geloof in God. Beter gezegd: onze relatie met God. 
Voor die relatie met God wordt vaak het prachtige woord ‘genade’ gebruikt. Dat kun je vertalen met ‘onverdiende goedheid’, vergeving voor niets – dus ‘gratis’. Gods liefde is een geschenk. Van begin tot eind. Op het moment waarop jij en ik het leven ontvingen. Gratis. Via het moment dat ik zelf tot geloof kwam. Gratis. Tot en met het eeuwige leven dat aan het einde op me ligt te wachten. Gratis. De HEER geeft ons Zijn geschenk. Als een Vader aan Zijn kind. 
Wij mogen het geschenk ook weer doorgeven. Aan ONZE kinderen. Aan de kinderen van onze gemeente. Alles is erop gericht dat ook een nieuwe jonge generatie het gratis geschenk van God weer oppakt en uitpakt. Je vraagt je alleen af: waarom lukt dat zo slecht? Waarom gaat het vaak zo moeizaam, die geloofsoverdracht? Als je bedenkt wat het geschenk van God inhoudt, zou dat toch eigenlijk heel makkelijk moeten gaan? Ik durf te zeggen dat dat geschenk het mooiste is dat je ooit aangeboden kunt krijgen. Waarom zit niet iedereen daarop te wachten? 
Is het misschien te ingewikkeld? Dat zou kunnen. Als je de Bijbel leest, kost het vaak moeite om het te begrijpen. Laat staan dat je er van onder de indruk komt. Laat staan dat het vol vertrouwen aanvaardt en er je leven op gaat bouwen. Daarom is het zo belangrijk om bij elkaar te komen en samen de Bijbel te lezen. Om die Bijbelverhalen door te geven – hier in de kerk maar ook op Bijbelkringen en gespreksgroepen. Samen rondom het Woord. Daarom is het ook zo belangrijk dat we in onze gemeente het jeugdwerk op peil houden. Want – jong geleerd, oud gedaan. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. 


Maar ik geef toe: dat valt niet mee. Neem nou zo’n brief van Paulus aan de Efeziërs. Daar staat zoveel in. Met ingewikkelde volzinnen maakt Paulus de boodschap duidelijk. Nou ja, ‘duidelijk’? We kunnen het niet bevatten. Het is te groot, te veelomvattend. Wat we wel kunnen is er een pareltje tussenuit halen. Tussen onze vingers laten stralen. Aan elkaar laten zien. Ik probeer zo’n pareltje vandaag maar weer kort en krachtig samen te vatten met de woorden: ‘Gratis op weg naar de bestemming’. 
Bij dat woordje ‘bestemming’ denk ik (jij misschien ook) aan het liedje ‘De Bestemming’ van Marco Borsato. Het  begint met de woorden: “Ik lig op m'n rug in het gras en aanschouw de maan. Ik vraag haar of zij misschien weet, waarom wij bestaan. Waarom we worden geboren en straks weer gaan, maar ze zwijgt en kijkt me lachend aan. Laat me zien waar ik voor leef. Laat me voelen wat ik geef. Eén moment zodat ik weet, dat alles niet voor niets is, dat alles niet voor niets is geweest”. Waarom Marco zijn vraag aan de maan stelt, is mij eerlijk gezegd een raadsel. Dat die maan zwijgt kan ik wel weer begrijpen. Dat ze ook nog lacht, snap ik dan weer niet. Maar goed, het zijn belangrijke vragen die hier gesteld worden. Levensbelangrijke vragen. Uit de populariteit van het liedje blijkt ook dat heel veel mensen het daar wel mee eens zijn. Blijkbaar worstelen heel veel mensen met die vragen. Wat zou het dus mooi zijn, als we antwoord kregen op de vraag: Waarom besta ik? Waarom worden we geboren en gaan we straks weer dood? Waarvoor leef ik?. 
Laten het nou precies die vragen zijn, waar Paulus ons een klip en klaar antwoord op geeft. Hij wijst ons – in Gods opdracht – onze bestemming aan. Het doel van ons leven. Het doel wordt ons door God gewezen. Het begint ermee dat Hij onze Schepper is. Als we niet weten waar een horloge voor bedoeld is, moet je bij de horlogemaker zijn. Als we willen weten waarom ons hart klopt, moeten we dus bij Hem zijn die ons hart doet kloppen. Hij die ons het leven geeft, heeft ons gemaakt met een bedoeling. En dat doel is helemaal niet ingewikkeld. Het is heel simpel: goede daden doen. ‘God heeft ons geschapen om de weg te gaan van de goede daden’. Als we de weg van de goede daden gaan, gaan we dus op weg naar onze bestemming. Daarvoor heeft God ons gemaakt. Paulus zegt het zelfs nog sterker – en in de vertaling is dat niet goed meer te lezen. Hij zegt: Nog voordat wij er waren, had God al een plan met ons mensen. Voordat wij geboren werden, ja voordat Hij nog maar één mens geschapen had, had de Schepper het plan al klaar. 
Zoals we dat in Genesis hebben gelezen. Op de zesde dag sprak God: ‘Laat ons mensen maken’. Intern goddelijk overleg gaat vooraf aan de Schepping. De mens moet er komen om de aarde te beheren. Goede daden doen is dus: goed zorgen voor Gods Schepping. De vogels, de vissen, het vee. Het milieu, zullen we maar zeggen. ‘Goede daden doen’ is natuurlijk ook: goed zijn voor elkaar. God schiep niet voor niets twee mensen – man en vrouw. Verschillend van elkaar en op elkaar aangewezen. Goed doen is: goed zijn voor elkaar. 
Dat is dus geen opgave. Het is een gave. Het is onze bestemming. Het geeft zin aan het leven. Het is geen onmogelijke opdracht. God heeft ons zó gemaakt dat wij er uitermate geschikt voor zijn. Hij zet ons op de wereld ‘voor mekaar, voor mekaar, om elkaar te helpen, niet waar?’. Hij geeft ons ogen – om naar een ander om te kijken. Oren om naar elkaar te luisteren. Helpende handen. Sterke schouders. Een kloppend hart. Voor elkaar. We zijn door God op liefde ingericht. Bestemd om elkaar lief te hebben. Zo zitten we in elkaar. 
Helaas pakt dat allemaal toch even anders uit. Wij mensen  maken (als Adam en Eva) telkens verkeerde keuzes. Wij kiezen juist voor slechte daden. De goede gaven, die we van de Schepper meekrijgen, gebruiken we alleen voor ons eigen belang. Gebalde vuisten. Grijpende handen. Ellebogenwerk. Jaloerse blikken. Dove oren. Dat is zonde. Zo missen we ons doel. We verliezen onze bestemming. We verliezen daarmee onze menselijke waardigheid. Vroeg of laat gaan we aan onszelf kapot. We gaan dood. De relatie met God wordt verbroken, als wij eigen wegen gaan. Als wij onze bestemming verlaten lopen we onze ondergang tegemoet. 
Maar gelukkig houdt Gods genade dan niet op. Hij kwam in Jezus Christus naar onze aarde. Hij kwam om ons te redden. Om ons te herstellen, te herscheppen. Door de dood en opstanding van Christus kunnen we opnieuw beginnen. Met Christus sterven en opstaan. Opnieuw de weg gaan. Met vallen en opstaan. Op weg naar onze bestemming. Om weer te zijn wie we eigenlijk zijn. Geschapen tot eer van God. Tot hulp en heil van onze medemens. 
‘De weg van de goede daden gaan’ is dus geen inspanning waar we trots op kunnen zijn. ZO zijn we werkelijk wie we zijn. Werkelijk onszelf zijn we als we zijn zoals God ons heeft bedoeld. 
Dat is het grote geschenk dat God ons geeft. Helemaal voor niets. Je snapt toch echt niet waarom mensen het niet willen hebben. Misschien komt het wel juist, omdat het gratis is. Je hoeft het alleen maar aan te pakken. Dat klinkt ons te gemakkelijk. We kunnen het niet geloven. Zo goedkoop kan het toch niet zijn? Dan moeten we bedenken dat de HEER Zelf het volle pond betaald heeft. Zijn liefde ging tot op het kruis van Golgotha. Hij heeft ons vrijgekocht. Aan ons wordt aangeboden om uit Zijn liefde te leven. Steeds meer op Hem gaan lijken. Dan komen we steeds dichter bij onze uiteindelijke bestemming.