Website ds. Hans van Dalen

PREDIKANT TE NIJVERDAL

Een lesje bescheidenheid

Kerkdienst op 2 september 2019 (Morgendienst te Nijverdal)
Schriftlezingen: Spreuken 25:6-12 en Lucas 14:1-14 

“Want wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden” 
(Lucas 14:11)

Bij het woord ‘bescheiden’ schieten mij de woorden te binnen van een oud liedje. Of – zo je wilt – ‘straatdeuntje’. “‘t Is moeilijk bescheiden te blijven. Wanneer je zo goed bent als ik. Zo stoer, zo charmant en zo aardig. Dat zie je in één ogenblik. Ik denk als ik kijk in de spiegel. Daar staat een geweldige vent. 't is moeilijk bescheiden te blijven. Voor een kerel met zoveel talent”. Bescheiden blijven, bescheiden zijn, is moeilijk. Voor mij, misschien voor jou, maar niet voor iedereen. Ik ken genoeg bescheiden mensen. Ze staan nooit met hun neus vooraan. Ze dringen niet voor in een wachtende rij bij de kassa. Ze staan netjes op van hun stoel, als de bus vol zit en er komt een ouder iemand binnen. Je hoort ze niet schreeuwen. Je ziet ze niet staan. Ze hoeven geen lintje. Geen foto op de voorpagina. Ze zijn gewoon tevreden met een plekje op de achtergrond.

Ik kijk met jaloezie naar zulke mensen. Bescheiden mensen zijn aardige mensen. Fijn om mee om te gaan. ECHT bescheiden mensen, wel te verstaan. Want je hebt ook zo iets als ‘valse’ bescheidenheid. Onder het mom van ‘kijk mij eens bescheiden wezen’ cijferen ze zichzelf altijd weg. Trots op hun zogenaamde bescheidenheid. Maar écht bescheiden – dat is één van de mooiste karaktereigenschappen die een mens kan bezitten.

Een eigenschap die ons ook in de Bijbel wordt aangeprezen. In het boek Spreuken bijvoorbeeld – een boek vol wijsheid. Levenswijsheid. Ook die spreuk die we vanmorgen gehoord hebben is een wijze uitspraak: ‘Gedraag je niet aanmatigend (niet ‘onbescheiden’) in aanwezigheid van de koning. Ga niet op de plaats van een voornaam persoon staan’. ‘Zet jezelf niet op een voetstuk’. Wijze woorden van de wijze koning Salomo uit pakweg 1000 voor Christus. Je zou ze zo in het boekje ‘Hoe hoort het eigenlijk?’ van Amy Groskamp - ten Have uit 1938 na Christus kunnen vinden. Of in ‘Het grote etiquetteboek’ van Beatrijs Ritsema uit 2014. Over ‘hoe hoort het eigenlijk in de 21 e eeuw’. Bescheidenheid is van alle tijden. Bescheidenheid hoort bij de manieren van een ‘gentleman’ of ‘gentlewoman’. ‘Hoe heurt het eigenlijk?’. Maar ja ‘eigenlijk’. Dat wil zeggen: dat het er helaas in de wereld niet altijd zo aan toegaat. Er is gebrek aan bescheidenheid. Er zijn te weinig bescheiden mensen op de wereld.

Maar wat is er nu precies mis met onbescheidenheid? Je mag toch best wel voor jezelf opkomen ? In onze wereld draait het er toch juist om dat je jezelf ‘neerzet’? Dat je laat blijken dat je er bent? Dat ze je zien staan of dat je je laat horen. Dat je je niet de kaas van je brood laat afeten. Dat leer je aan een kind dat altijd aan de kant staat of gepest wordt. Daar zeg je tegen: ‘Kruip uit je schulp. Kom op voor jezelf. Ook jij mag er zijn. Jij mag ook meedoen’. Je kunt jezelf ‘profileren’ op social media. Het is fijn om veel volgers te hebben op Facebook en Instagram. Veel hits op je website. Veel viewers van je vlog of je blog. Je moet er voor zorgen dat ‘men’ jou ziet staan. Dan is het niet alleen moeilijk, maar zelfs onverstandig om altijd maar weer bescheiden te blijven.

Ook Jezus lijkt vandaag een duit in het zakje te doen van de bescheidenheid. Ja, ook Jezus geeft een lesje bescheidenheid. De man die zichzelf ‘het Licht der wereld’ en ‘De Weg, de Waarheid en het Leven’ noemt. Je zou zeggen: juist Jezus heeft geen last van bescheidenheid. Toch doet Hij er een pleidooi voor. Midden op een feestje van de ‘upperclass’. In het huis van, aan de maaltijd bij een vooraanstaand Farizeeër. Die Farizeeër en zijn voorname vrienden houden Jezus in het oog. Ze beoordelen Hem op zijn gedrag. Ze VERoordelen Hem als Hij op sabbat iemand geneest. Maar op zijn beurt houdt Jezus ook hen in de gaten. Hij ziet voor zijn ogen gebeuren dat er een subtiele strijd gaande is voor de beste posities. Aan de tafel, bij de maaltijd. Zoals je weet: aan de maaltijd ‘lag’ men ‘aan’. In de eetzaal stonden een aantal ligbanken klaar in een hoefijzervorm. Volgens de bepalingen van ‘hoe hoort het eigenlijk’ van die tijd, lag de voornaamste aanwezige centraal op de middelste bank. De op één na belangrijkste gast lag aan zijn rechterhand. De op twee na belangrijkste aan zijn linkerhand. Zo ging het ‘top – down’, van ‘hoog’ naar ‘laag’. Jezus ziet hoe de gasten zichzelf de hoogste posities proberen eigen te maken. Zo dicht mogelijk bij de gastheer. Met ellenbogenwerk of slinkse streken.

Tegen zulke gasten richt Jezus zijn wijze woorden. Hij vertelt een ‘gelijkenis’, zo staat er. Over een ‘bruiloft’, zo staat er. Waarvoor je uitgenodigd bent. ‘Geroepen’, staat er letterlijk. ‘Als je echt wijs bent’, zegt Hij, ‘en je wordt uitgenodigd op een bruiloft, begin dan onderop. Zet jezelf op de laagste plaats. Ga direct bij de ingang, meteen om het hoekje bij de deur, vlakbij de kapstok zitten. Neem genoegen met een klein onopvallend hoekje in de schaduw. Laat alle andere gasten voorgaan. Laat ze één voor één passeren. Dan, ja alleen dan, heb je kans dat de heer die jou heeft uitgenodigd, jou, juist jou, komt ophalen. Dat hij je eigenhandig een duwtje in de goede richting geeft. Een stukje ‘hogerop’ brengt. Alleen zó bereik je op de juiste wijze de plaats die jou toekomt. Maar als je begint met te hoog van de toren te blazen, loop je kans een blauwtje te lopen. Als je te hoog inzet, moet je een trapje terug op de ladder. Dan sta met het schaamrood op je kaken. Want – zo luidt de conclusie – ‘Wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden’.

Dat klinkt logisch. Jezus geeft een waardevolle tip. Die kunnen wij makkelijk in onze oren knopen. Die kunnen wij in praktijk brengen. Zet een stapje terug om vooruit te komen. Ga beneden staan om hogerop te eindigen. Het lijkt op het eerste gezicht een goed advies voor een succesvol leven. Goede raad voor carrièreplanning: je moet onderaan beginnen. Maar dat is het niet. Want zo werkt het niet. Zo werkt het tenminste zeker niet altijd. Een bescheiden, een echt bescheiden mens, wordt helaas niet altijd opgemerkt. Je komt niet automatisch hogerop als je anderen voor laat gaan. Je wordt er niet altijd beter van als je jezelf wegcijfert. Je komt in deze wereld helaas vaak verder en hoger, je bereikt meer, als je voor jezelf opkomt. Jezelf vernederen? Dat klinkt ook zo kruiperig. Alsof dat altijd moet. Jezelf altijd maar wegcijferen. Nooit eens op je strepen gaan staan. Altijd in het stof moeten bijten. Dat is vernederend. Té vaak zijn deze woorden van Jezus misbruikt. Om verachte mensen klein te houden. Te kleineren, in de grond te trappen. Slaven op de plantages werden met deze Bijbeltekst neer geslagen. Vrouwen werden door deze woorden achter het aanrecht gezet. Armen werden hiermee arm en koest gehouden. Ga maar door het stof! Schik je in je nederig lot. Verneder jezelf – Jezus heeft het toch zelf gezegd?

Heeft Jezus het dan niet gezegd? Ja, maar Jezus heeft het nooit zo BEDOELD. Hij spreekt deze woorden niet als een aanbeveling voor aangepast, beleefd gedrag. Hij vertelt het niet als één van de zoveel regels voor de etiquette. Het is niet een gouden tip uit ‘hoe hoort het eigenlijk’. Het is geen regel uit een boekje voor goed fatsoen. Het is een gelijkenis. Een gelijkenis heeft bij Jezus altijd te maken met hét Koninkrijk. Met het Koninkrijk van God. Jezus vertelt in Zijn woorden dan ook niet over zo maar een feestje. Hij heeft het niet voor niets over een bruiloft. Een bruiloft is het hoogste feest. Een bruiloftsfeest is een gelijkenis van het allerhoogste feest. Gods bruiloftsfeest. Daarvoor worden jij en ik geroepen. De HERE God, de koning van het koninkrijk, geeft een groot feest. De deur gaat voor ons open. We worden uitgenodigd. We zijn welkom. Kom maar binnen - maar dan wel: in alle bescheidenheid. ‘Nederig’. In het besef van je kleinheid. Als een klein, nietig mensje ben je te gast bij een groot machtig God. Als één van Zijn schepselen word je geroepen door de Schepper van hemel en aarde. Als een schuldig, zondig mens word je uitgenodigd door de Heilige HEER. TOCH, ondanks mijn gebreken, ondanks mijn nederige staat, TOCH geroepen, toch uitgekozen. TOCH welkom!

‘Wie ben ik, dat U mij roept?’, vraag ik. Jezus zegt: ‘Kom tot Mij. Ik ben het Licht der wereld. Ik ben de weg, de waarheid en het leven’. En jij, jullie zijn mijn vrienden. Vriend, kom dichterbij. Kom hogerop. Ik til je op. Ik geef je een ereplaats. Jullie zijn mijn gasten, bruiloftsgasten. Kinderen van de hemelse Vader.

Als je beseft wie je werkelijk bent…

Als je weet wie je bent voor God…

Als je de Heiland kent, die zichzelf voor jou heeft vernederd. Tot in de dood aan het kruis…

Dan is het niet moeilijk om bescheiden te blijven.

Amen