Website ds. Hans van Dalen

PREDIKANT TE KUDELSTAART

 

Een goed gesprek - waar, wie wat...

 

Kerkdienst voor startzondag 9 september 2018

 

 

Lezing: Marcus 8:27-33

Geluidsopname

 

 

We voelen allemaal wel aan wat een goed gesprek is. Maar voelen en snappen is twee. Waarom is het ene gesprek goed en het andere niet? Wat maakt een gesprek tot een goed gesprek? Laten we dat eerst eens bekijken bij een gesprek uit het evangelie. Een gesprek tussen Jezus en Zijn leerlingen. Een gesprek dat Jezus in het bijzonder voert met zijn discipel Petrus. Jezus vraagt, Petrus geeft antwoord. Dit gesprek is in de Bijbel terecht gekomen. Dus zal het wel ‘goed’ zijn. Toch is het geen gemakkelijk gesprek. Het is niet wat je noemt een prettig gesprek. Er zijn misverstanden. Er vallen best wel scherpe woorden. Er valt zelfs een scheldwoord: ‘satan’. Een gesprek hoeft blijkbaar niet altijd vlot te verlopen om toch een goed gesprek te zijn.

We bekijken het ‘wie wat waar’ van dit gesprek. Laten we beginnen met het ‘waar’. Waar vindt dit gesprek plaats? De Bijbel vertelt dat Jezus en zijn leerlingen zich op het moment van het gesprek ‘bij dorpen in de buurt van stad Caesarea Filippi’ bevinden. Die stad bestaat nu niet meer. Er zijn alleen nog wat ruïnes van over. Het was een Romeinse stad in het uiterste noorden van het tegenwoordige Israël. Op de grens met Libanon en Syrië, een soort ‘drielandenpunt’ dus. De stad ligt in een prachtig natuurgebied. Menig Israëlreiziger maakt daar, aan de voet van de berg Hermon, een prachtige wandeling om de bruisende watervallen en stromen te zien. Daar ontspringt de rivier de Jordaan. Daar in de buurt van de stad vindt het gesprek plaats. Voor Jezus en Zijn leerlingen is het een soort rustoord. Niet alleen vanwege het natuurschoon. Het is een plek waar ze even geen last hebben van kritische Schriftgeleerden en Farizeeën. Die wagen zich niet in dit door en door heidense gebied. Ook koning Herodes, die niet zo lang geleden Johannes de Doper heeft vermoord, is hier ver weg. Het gebied valt niet meer onder zijn bewind, maar onder dat van koning Filippus. Vandaar ook de naam van de stad: Caesarea Filippi, de stad van Filippus. Naar de omgeving van deze stad zijn Jezus en zijn leerlingen getrokken. Best ver van huis dus, maar de bedoeling is duidelijk: ze zoeken even een paar dagen de rust en de stilte. Een time-out. Een vakantie. 

En dan zijn we direct een voorwaarde voor een goed gesprek op het spoor: je moet er een goede plek voor opzoeken. Je moet er ruimte en tijd voor vrijmaken. Je moet even alles opzij zetten. Een gesprek kan wel over de schutting met de buurman, maar als het werkelijk goed wil worden, nodig je elkaar uit op de koffie. Je gaat er eens even goed voor zitten. Vandaar ook dat één keer per week op zondagmorgen ons kerkgebouw openstaat. Hier is rust en ruimte om in gesprek te komen met de HEER, onze God. Heel goed dus om daar tijd voor in te ruimen in je drukke agenda. Even de boel de boel laten om te zitten aan de voeten van de HEER – voor een goed gesprek.

Met wie voer je zo’n gesprek? In de Bijbel gaat het gesprek tussen Jezus en zijn leerlingen. Jezus voert ook veel gesprekken met andere mensen. Die reeds genoemde Schriftgeleerden en Farizeeën bijvoorbeeld. Die gesprekken gaat Jezus niet altijd uit de weg. Het zijn vaak geen goede gesprekken. Het zijn twistgesprekken. Confrontaties. Ze lopen niet goed af. Uiteindelijk loopt het uit op de kruisiging.

Heel anders verloopt het gesprek dit keer tussen Jezus en zijn leerlingen. Tussen hen is langzaam maar zeker een band ontstaan. Niet voor niets heeft Jezus twaalf mensen geroepen om met Hem mee, achter Hem aan te gaan. Twaalf leerlingen worden door Jezus geroepen om met Hem naar Jeruzalem te reizen. Ze eten met elkaar, ze overnachtten met elkaar, ze lopen met elkaar en al lopend praten ze met elkaar. Vast ook wel over de spreekwoordelijke koetjes en kalfjes. Het zullen niet allemaal diepgaande gesprekken zijn geweest. Er kan vast ook gelachen worden om een goede grap. Er kan samen getreurd worden over slecht nieuws. Maar al gaande ontstaat er iets. Een band, een vertrouwde band, waarin je elkaar steeds meer kunt toevertrouwen. En dan kan het zo maar ineens komen tot een goed gesprek.

En zo gaat dat ook bij ons, als gelovigen. In dat gesprek met elkaar en met God. Dan is het fijn als je ook gewoon leuk met elkaar praat over ditjes en datjes. Bij de koffie na afloop van de kerkdienst hoeft het echt niet altijd over de preek te gaan. Maar juist die gewone ontmoetingen – dat samen koffie drinken, samen in een huiskamer elkaar ontmoeten op een gesprekskring, samen met elkaar eten – kan voor iets GOEDS zorgen. Dan heb je plotseling, ineens een heel goed gesprek met elkaar…

En waarover gaat dat dan? Wat is het onderwerp voor een goed gesprek? Dat kan zoveel zijn. De lijst van goede gespreksonderwerpen is ellenlang. Eén ding hebben ze gemeen: een goed gesprek komt ‘binnen’. Een goed gesprek blijft niet aan de oppervlakte of aan de buitenkant. Dat zien we gebeuren bij het gesprek in de buurt van Caesarea Filippi tussen Jezus en zijn leerlingen. Het begint met de vraag van Jezus. Een goed gesprek begint niet met een stelling of een stevige uitspraak. De meeste goede gesprekken beginnen met een vraag. Ik vraag iets aan jou. Ik wil iets weten van jou. Ik ben dus in jou geïnteresseerd en toon me bereid naar jou te luisteren. Dus stel ik jou een vraag. Zo stelt Jezus de vraag: ‘Wie ben ik volgens de mensen?’. En de leerlingen mogen antwoord geven. Ze vertellen aan Jezus wat ze gehoord hebben. Wat anderen van Jezus vinden. En daarna vraagt Jezus door: ‘Wie ben ik volgens jullie?’. Dan gaan we de diepte in. Dan spreken niet alleen de mond, maar gaan de harten spreken. Dan worden de leerlingen uitgedaagd om iets van zichzelf te laten zien. Om zich in hun hart te laten kijken. Over de levensbelangrijke vraag: ‘wie ben Ik, wie is Jezus voor jou?’. Petrus gaat als eerste op die uitdaging in. Hij belijdt zijn geloof. Het komt recht uit zijn hart, als hij zegt: ‘U bent de messias’. Het wordt daarna geen prettig gesprek, wel een goed gesprek. Misverstanden moeten uit de weg worden geruimd. Jezus is niet de Messias die Petrus verwacht. Jezus is een Messias, een koning die gaat lijden, sterven en opstaan. Die Zijn leven gaat geven. Petrus wordt gecorrigeerd, ja tot de orde geroepen als hij daar niet aan wil.

In de kerk gaan de goede gesprekken ook over die twee vragen. ‘Wie is Jezus volgens de mensen? Wie is Jezus voor jou?’.  Wie is God voor jou? Wat betekent het geloof voor jou? Waar put jij hoop uit? En waarin ervaar jij Gods liefde? Zo gaan we vanmorgen met elkaar in gesprek over geloof, hoop en liefde. Als we dat eerlijk en open doen wordt het vast en zeker… een goed gesprek!