Website ds. Hans van Dalen

PREDIKANT TE NIJVERDAL

Gods frisse regennui

 

Kerkdienst op 5 juli 2020 
Schriftlezingen: Jesaja 55:6-13 en Matteüs 13:1-9

Deze kerkdienst is te beluisteren en bekijken via kerkomroep.nl


“Zoals regen of sneeuw neerdaalt uit de hemel… zo geldt dit ook voor het woord dat voortkomt uit mijn mond: het keert nicht vruchteloos naar mij terug” (Jesaja 55:10-11)

---------------------------------------------------

Het is de bederver van een gezellige barbecueparty. Het is de spelbreker in een spannende sportwedstrijd. Het kan de wandelvierdaagse tot een martelgang maken. Het bederft de vakantie voor veel campinggasten. Het is niet m’n grootste vriend en de jouwe waarschijnlijk ook niet. Ik heb het over: Regen! 

Wat een hekel kun je hebben aan die vervelende waterdruppeltjes, die uit de lucht komen vallen. Vooral als ze onverwacht en plotseling overvloedig neerplenzen uit een snel betrokken hemel… Alle zegen komt van boven, maar vaak kun je zo’n regenbui wel verwensen!   

Vaak… niet altijd… Ik moet zeggen: Meer en meer ervaren ook wij wat mensen in hete, dorre, droge streken op aarde ervaren. De laatste jaren zijn droge jaren. Met een neerslagtekort. Er worden sproeiverboden ingesteld. Ook bij ons. In ons ooit zo regenachtige kikkerlandje, komen we erachter dat regen een kostbaar goedje is.

In Israël weet men dat te allen tijde al. Van het verre verleden tot op de huidige dag is regen daar zegen. Het waterpeil van het meer van Galilea zakt elke zomer weer tot een dieptepunt. Het water gaat in het Heilige Land dan op rantsoen. Even geen auto’s wassen, zwembaden vullen en andere grote waterverspilling. Het meer van Galilea is namelijk van levensbelang voor de watervoorziening. 

Het meer van Galilea wordt uit de hemel gevuld door de regen. Maar vooral vanuit het noorden door de rivier de Jordaan. Die ontspringt op het Hermongebergte in het uiterste noorden. De top van de Hermon is bijna 3000 meter hoog en bedekt met eeuwige sneeuw. Die sneeuw is – nog meer dan regen – voor het beloofde land een grote zegen. Sneeuw is voor ons lage landje een leuke winterse verrassing, die meestal snel voor de zon wegsmelt… Sneeuw geeft wintersporters een paar dagen per jaar skiplezier. Sneeuw kan ook heel lastig zijn. Het zorgt voor overlast in het verkeer en voor lawines in de bergen. 
Maar in Israël is sneeuw nog een grotere zegen dan regen. Op de bergflanken van de Hermon wordt de voorraad sneeuw in herfst en winter aangevuld. Daar ligt het dikke pak sneeuw te wachten op de lente en de zomerzon. 

Door de warmte begint het smelten. Het smeltwater springt tevoorschijn uit bronnen. Drie bruisende waterstromen vloeien samen tot de rivier de Jordaan. En dat allemaal dankzij de sneeuw, die neerdwarrelt op de berg Hermon… Zo is regen en sneeuw zegen van Boven (met een hoofdletter B) 
Is er iets vergelijkbaar met de zegen van regen en sneeuw? Jazeker! Dat horen we vandaag uit de mond van de profeet Jesaja. Hij gebruikt het beeld van regen en sneeuw voor het Woord van de HEER. 

In de Bijbel is het woord ‘Woord’ een zeer belangrijk woord. Woorden zijn in onze moderne samenleving gedevalueerd. Wij hebben er niet zo’n hoge pet van op. ‘Geen woorden, maar daden’, zingen de Feijenoorders. ‘Praatjes vullen geen gaatjes’, luidt het gezegde. Je mag elkaar in onze samenleving niet alles aandoen, maar alles zeggen: dat moet toch kunnen? ‘Vrijheid van meningsuiting’ staat heel hoog aangeschreven. Terecht: je moet elkaar niet zo maar de mond snoeren. Aan de andere kant moet je ook op je woorden passen. Je kunt elkaar zo makkelijk pesten, kwetsen, beledigen. Via de mond, via de pen en tegenwoordig via het toetsenbord van computer of smartphone. Social media zijn helaas vaak asociale media. Woorden vliegen over en weer als geweervuur tussen de loopgraven. ‘Schelden doet geen pijn’ is een grote leugen. Schelden doet wél pijn. Pesten kan dodelijk zijn. Want woorden zijn geen holle klanken. Woorden kunnen maken of breken. Woorden kunnen je bemoedigen, opbeuren en opfleuren. Maar ook de grond intrappen en vernederen. Woorden zijn wapens, waarmee je kunt verwonden. Woorden zijn werktuigen. Werk-woorden. Ze werken wat uit. Ze richten wat aan. Woorden werken. Dus let op je woorden!

In de Bijbel is dat gesneden koek. Dat begint al op de eerste bladzijde, als God het eerste woord spreekt: ‘Er zij licht’. En er komt licht. Als God spreekt, gebeurt er wat. Zijn Woord brengt leven. Helemaal in die lijn vergelijkt Jesaja het Woord van God met sneeuw en regen. De regen, die vanuit de hemel neerdaalt. Als zegen voor een dorre aarde. De sneeuw, die als smeltwater neerstroomt vanaf de bergen om het hele land vruchtbaar te maken. Als de regen valt, zie je het koren de grond uitschieten. De natuur bloeit op. De oogst rijpt op de velden. En zoals regen en sneeuw de natuur op gang brengen, zo zetten Gods Woorden de geschiedenis in beweging. 

De profetie van Jesaja klinkt in een bewogen periode van de wereldgeschiedenis. Wereldmachten strijden om de heerschappij. De gevestigde orde van de Babyloniërs staat op instorten. Tientallen jaren hebben zij de lakens uitgedeeld. Volken werden onderworpen. Bewoners naar Babel gedeporteerd.  Ook het koninkrijk Juda moest eraan geloven. De tempel in Jeruzalem werd verwoest. Wie maalt erom? Het was toch ‘maar’ een onbeduidend tempeltje van een onbekend godje van een klein volkje? Wat stelt zo’n volkje voor te midden van de wereldrijken? Wat is zo’n god vergeleken met de machtige goden van Babylonië en Egypte? Maar vergis je niet! Babel moet het veld ruimen. Koning Cyrus van het rijk der Meden en Perzen begint aan een onstuitbare opmars. Je hoort de geruchten. Babel gaat eraan. Leve de Perzen! Jesaja bespeurt deze verandering in de wereldgeschiedenis. Maar hij bespeurt nog iets anders. Woorden van de HEER dalen neer als regen en sneeuw. Gods werkwoorden. Weldadig voor verdroogd gras en verdorde bloemen! Een nieuwe lente is in aantocht. De vrijheid is aanstaande. Voor Jeruzalem is er nieuwe toekomst. De ballingen zullen terugkeren. Zij zullen de HEER weer mogen dienen in hun eigen land. De natuur zal bloeien als een levend teken van Gods trouw. Niet Babel heeft het laatste woord. Zelfs de nieuwe ster van het Perzische wereldrijk heeft het niet voor het zeggen. Er is er Eén, die vanuit de hemel aan de touwtjes trekt. Wiens wegen hoger zijn dan mensenwegen. Wiens gedachten onze gedachten verre te boven gaan. Op ongekende wijze gaat de HERE God zijn gang. Zijn Woorden dalen als regen neer. Dwarrelen als sneeuw op de bergen. Om hun heilzaam werk te doen. Gods Woord brengt leven voort. Nieuwe leven voor Gods volk op aarde.
Dát Woord, Gods belofte, mag Jesaja doorgeven. Aan mensen, die de moed dreigen te verliezen in de ballingschap. Aan de achtergebleven op de puinhopen van Jeruzalem. Boven die dorre woestenij barst plotseling de bui van Gods genade los. Genoeg geleden! Genoeg gestraft! Hoogste tijd voor vergeving! Gods Woorden plenzen neer en doen hun werk. Hoop voor een vernederd volk. Terugkeer naar het beloofde land. Wederopbouw van Jeruzalem. Herbouw van een nieuwe tempel. Alle volkeren op aarde zullen weten, dat de HERE God is. 

Wij leven in onze eigen kleine leefwereld. We hebben onze eigen vreugde en verdriet. We hebben onze eigen zorgen. Ook in ons leven kan het soms een dorre boel zijn. Ons geloof is als een verlept plantje, dat dringend water nodig heeft. Onze moed kan diep wegzakken in een dorstige aardbodem. Onze zorgen over onze toekomst verlammen ons. Ons leven smacht naar een frisse bui van levend water. We verlangen naar Woorden, die ons aanspreken. Woorden die raken. Woorden die werken. Die ons leven nieuwe kracht en frisse moed geven. Zodat wij opbloeien als ooit tevoren. Zonder Gods Woorden versmacht ons geloof en eindigt ons leven vruchteloos.
God zij dank: De regen van Gods Woord druppelt ook op ons neer. Ook voor ons komt de zegen van Boven: Er is een HEER, die je kunt zoeken en zich laat vinden. Er is een God, die je kunt roepen, omdat Hij nabij is. Je kunt bij Hem terecht voor Zijn heilzame woorden. De HEER heeft Zichzelf verstaanbaar gemaakt in Jezus Christus, het levende Woord. Zijn evangelie brengt ons tot nieuw leven. Hij spreekt ook ons vanuit de hoge hemel toe door het boek, dat Bijbel heet. Gods Woord ligt zwart op wit in ons midden. Wij mogen wekelijks hier in de kerk Zijn Woord met onze eigen oren horen. Of als het jammer genoeg niet IN de kerk kan, dan kan het tegenwoordig VANUIT de kerk. Via de moderne media bereiken Gods Woorden de huiskamers. 

Helaas is zingen er even niet bij, hier in de kerk. Samenzang is nog te risicovol in deze Coronatijd. Maar het Woord blijft klinken en het klinkt met macht. Gods Woorden werken door mensenmonden heen. In de verkondiging van het Woord gaat een zaaier uit om te zaaien. Het zaad valt in de akker van ons leven. Gods regen maakt het vruchtbaar. Onder de verkondiging van het Woord wordt ons leven weldadig opgefrist. Zeker, net als regen, komen Gods woorden ons ook wel eens ongelegen. Het Woord roept ons wakker. Het verandert ons leven. Een nieuw, een ander leven. Maar zo komen we tot bloei en dragen we de vruchten van de Geest. Liefde, vrede en blijdschap groeien op onze akkers. Dankzij Gods regen.

We zouden wel gek zijn, als we voor déze regenbui gingen schuilen. Deze regenbui kunnen we elke zondag heerlijk over ons heen laten komen. Wat een voorrecht om ‘onder het Woord’ te zijn! Gods Woord richt ons op uit het graf. Het doet ons in vrijheid ademhalen en leven voor Gods aangezicht. Elke zondag kunnen we ons lekker nat laten regenen. De paraplu mogen we thuis laten. Gods frisse regenbui – die mag je niet missen!